Naar de hoofdinhoud

Artikel

Velocity als stuurinformatie

Wat er gebeurt zodra een teamcijfer op een managementdashboard belandt, en waarom flow metrics dat probleem niet vanzelf oplossen.

Pieter de Brabander ·

Een lokale eenheid

Velocity is een hulpmiddel bij het plannen van één team. Story points zijn binnen dat team gekalibreerd, op hun eigen werk, met hun eigen aannames over wat gemiddeld is. Buiten dat team betekent het getal niets. Twee teams met dezelfde velocity kunnen ongelijke hoeveelheden werk leveren, en dat volgt uit de definitie van de eenheid en niet uit een meetfout.

Zolang het cijfer binnen het team blijft doet het zijn werk. Het zegt hoeveel er de komende sprint redelijkerwijs in past en of er iets is veranderd ten opzichte van de vorige keer, en allebei die antwoorden zijn alleen bruikbaar voor wie de sprint erna plant.

Wat er op een dashboard mee gebeurt

Zodra het cijfer op een dashboard belandt waar een manager naar kijkt, verandert de betekenis zonder dat iemand het herdefinieert. Het wordt gelezen als productie. Teams die naast elkaar staan worden vergeleken. Een dalende lijn wordt een vraag om uitleg en een stijgende lijn heet vooruitgang.

Daarmee is de voorwaarde geschapen waaronder het getal onbetrouwbaar wordt. Meten om te leren en meten om af te rekenen zijn twee verschillende dingen, en het tweede maakt het eerste stuk. Zodra een team weet dat een getal wordt gebruikt om te beoordelen, ontstaat de prikkel om het getal te verbeteren in plaats van het probleem eronder. Het lesmateriaal noemt daar als eerste voorbeeld bij: velocity kunstmatig opblazen door stories groter in te schatten.

Niemand liegt daarbij. Het scherpste voorbeeld uit dat materiaal is een project waarin ruime voortgang werd gemeld terwijl er geen werkend onderdeel bestond, en de conclusie daar is dat dit geen boosaardige leugen was maar een voorspelbaar gevolg van een cultuur waarin voortgang goed moest klinken.

Er zit nog een tweede schade aan. Het team verliest zijn eigen instrument. Vaststellen dat het slechter loopt dan verwacht heeft nu gevolgen die niets met leren te maken hebben, en een cijfer dat naar boven gaat is daar dan niet meer voor te gebruiken.

Waarom flow metrics het niet oplossen

Flow metrics zijn betere getallen dan velocity. Ze gaan over het systeem waar het werk doorheen loopt, en dus over meer dan de productie van één team, en ze wijzen aan waar het werk stilstaat. Dat is winst, en het is de reden dat het lesmateriaal ze aanraadt.

Het gebruik van dat betere getal loopt tegen hetzelfde probleem aan. Dat materiaal noemt de flow-variant ervan in dezelfde adem als velocity: doorlooptijd verbergen door werk pas laat als gestart te registreren. Zet doorlooptijd op een dashboard waar iemand op wordt afgerekend, en dat is wat er gebeurt, terwijl geblokkeerd werk ondertussen naar een lijst buiten het bord verhuist.

Flow metrics kosten meer moeite om te masseren dan velocity. Dat scheelt tijd; het mechanisme eronder blijft werken, dus wie overstapt om het afrekenprobleem kwijt te raken neemt het mee naar een getal dat langer meegaat voordat het kapot is.

Wat er dan overblijft

Het cijfer blijft bij het team dat ermee plant.

Wie het opvraagt krijgt het met de mededeling erbij dat het buiten dat team niets betekent, en die mededeling hoort in dezelfde zin te staan als het getal. Naar boven rapporteer je wat is vastgesteld en wat niet is onderzocht, met de onzekerheid die overblijft. Een stoplichtkleur zonder die twee dingen erbij zegt weinig over de stand van het werk, en hij maakt het makkelijker om het gesprek daarover niet te voeren.

En wil iemand weten of het goed gaat, dan is de bruikbare vraag welk besluit er voorligt en welke informatie dat besluit draagt; dat is een lastiger gesprek dan een getal aflezen.

De tegenspraak

Wie meerdere teams betaalt heeft een reëel belang bij vergelijkbare informatie, en "dat getal geven we niet" is geen antwoord op dat belang. Dit artikel zegt wat er misgaat en levert geen vervangend cijfer dat hetzelfde werk doet. Dat is de zwakke plek, en wie het standpunt wil aanvallen begint daar.

Er staat een tweede bezwaar naast. Het mechanisme hierboven is beschreven en niet gemeten. Wat hier staat over schatgedrag onder toezicht komt uit lesmateriaal, niet uit een onderzoek met een cijfer eronder. Daarom staat er in dit artikel geen enkel percentage, ook niet waar dat de redenering steviger zou laten klinken.

Bron: cursus SAFe, deel 19 (meten en flow metrics, met de schijnrapportage die uit een cultuur volgt)


Bespreek dit artikel

De discussie staat op het forum. Hij laadt pas als je hem opent, zodat je bij alleen lezen niet in de logboeken van het forum terechtkomt.

Rechtstreeks naar dit onderwerp op het forum